Omschrijving:
Zuidtirol is meer dan één reis waard
Josef C. Grund
uitg. Uitgeveij Ons Huis, softcover, (geen jaartal)
Zuidtirol strekt zich uit van de bergen rond de OrtIer in 't westen tot de Marmolatalberg in 't oosten, van de Brenner in 't noorden tot de Salurn in 't zuiden. Bergen en dalen: Zuidtirol is een alpenland.
Sinds de oudste tijden was het al een doortrekgebied. Over de Reschen en Brennerpas, die het land naar het noorden openen, door het dal van de Drau bij Innichen, waar men naar het oosten gaat en vanuit het zuiden dreunden de voetstappen van de volkeren, die geschiedenis maakten.
Illyrische stammen bewoonden het land in de bergen in + 2000 v. Chr.; in 500 v. Chr. kwamen Kelten uit 't noordwesten het Etschdal binnen. Honderd jaar later volgden Etrusken, die door de overwinnende Galliërs uit Poebene verdreven waren.
In 't jaar 15 v. Chr. bezetten de Romeinen het gebied. Ze roeiden de bevolking niet uit. Vanuit Bozen ging het leger, dat onder bevel Stond van Drusus, noordwaarts over de Brenner, de legioenen van Tiberius marcheerden over de Reschenpas naar het Inn-dal.
In de tweede helft van de 6e eeuw na Chr. trokken de restanten van de Oostgotische legerscharen, die aan de vernietigingsslag aan de Vesuvius (555) ontsnapt waren, zich terug in het Sarndal, in de dalen van Ulten, Passeier en Schnals, die we vinden rondom Merano.
Na hen kwamen de Bajuwaren. Ze stootten door over de Alpen en lijfden het land in bij het hertogdom Beieren.
Burchten, dorpen en steden ontstonden, met de snel voortschrijdende Christianisering werden kerken en kloosters gebouwd. Geestelijken wonnen aan invloed. In 1027 werden de bisschoppen van Brixen en Trient rijksvorsten. Onder de bestuurders. die de graafschappen in opdracht van hun geestelijke heren beheerden, onderscheidden zich de energieke graven van Tirol als machtige gebieders. Zij trokken steeds meer heerlijke rechten tot zich, tot zij de alleenheersers over ......................
|