Omschrijving:
Vissers van wad en gat
Molen S.J. Van der
Uitg. De Tille, softcover, geillustreerd.
INLEIDING
Dit boekje wil een beschrijving geven van twee verdwenen vormen van zeevisserij, waar men in het noorden van Friesland nog heugenis aan heeft: het haringvissen door middel van fuiken voor de kust van Barradeel, Het Bildt en later ook Wonseradeel en de Noordzeevisserij van Wierum en PeazensModdergat. Beide vormen zijn tot in deze eeuw beoefend, de fuikenvisserij zelfs nog enkele jaren na 1932, het jaar van de afsluiting van de Zuiderzee.
Aan beide takken van visserij bewaarde ik enige, zij het flauwe, herinnering voordat ik begon met het verzamelen van materiaal uit de volksmond, uit de literatuur en uit archivalia. Als jongen fietste ik met anderen vaak van Leeuwarden naar de Westhoek onder Sintjacobiparochie en zag daar dan aan de zeedijk of buiten de palen de zwartgeteerde haringboten liggen, waarvan de strakke kon-toeren door de Fries-Groninger etser J. Hemkes zo tref Eend zijn vastgelegd.
Met de visserij van Westdongeradeel werd ik al op de lagere school in kennis gebracht: n(59 zie ik voor mij de tekeningen van de omgeslagen blazer van Gerben Basteleur en van diens markante kop bij een relaas over de ramp van 1883 (die Moddergat zo zwaar trof) in een leesboekje.
Het was in 1953, een herdenkingsjaar, dat ik opnieuw in kennis kwam met hetgeen er gebeurd was „doe't de sélju bleaun binne", zoals de geijkte plaatselijke omschrijving van de ramp luidt. Gesprekken met Klaas Houkes Dykstra en Klaas Post (beiden inmiddels op hoge leeftijd overleden), de vrouw van Dykstra, het echtpaar G. S. van der Zee, allen in het Moddergat, wekten mijn belangstelling voor de visserij met netten en met lijnen, die in deze kustplaatsjes tot in het begin van deze eeuw werd uitgeoefend. Daarmee liep parallel mijn interesse voor het hoe en het wat van de fuikenvisserij in het noordwesten van Friesland.
In de jaren na 1953 heb ik vele vrije uren doorgebracht in de woningen van gastvrije oud-vissers, die in een prachtige volks-en vaktaal en uit een feilloze herinnering het verleden-op-zee deden herleven, een verleden, waarvan door overlevering van vader op zoon soms zelfs de Franse tijd nog deel uitmaakte!
|