Omschrijving:
Stadstuinen in Nederland
Kitty de Smit Kremer en Arend Jan van der Horst
Uitg. Terra, hardcover met stofomslag, geillustreerd
Je kunt hier bijna verdwalen', zei de kleinzoon van een van de tuineigenaren, die schrijven in `Stadstuinen in Nederland'. Dit was geen terrein van een paar hectare, het was een gewone stadstuin, niet erg breed, tamelijk diep, in een buitenwijk van Haarlem. Met zoveel zorg, zoveel kennis van zaken en veel oog voor de juiste plaatsing van bomen, struiken en waste planten werd een wereld van mysterie en avontuur gecreeerd, die de kleinzoon bovenvermelde verzuchting deed slaken.
Als vervolg op `Tuinen in Nederland', dat een overzicht geeft van allerlei soorten tuinen, grote en kleine, tuinen bij villa's en kasteeltuinen, geeft dit nieuwe boek, `Stadstuinen in Nederland', een beeld van weer grotendeels door de eigenaren zelf beschreven tuinen in de bebouwde kom, en vooral in de oude binnensteden.
Wat een onverwachte tuinschatten liggen er verborgen in het hartje van veel steden, door vele afgedaan als onleefbaar en zonder groen.
Hier was het een oude tuin, die de bewoners van het bijbehorende huis nooit veranderden, omdat mensen generaties lang er al plezier aan beleefd hadden. Daar was het de trotse schepping van iemand, die jarenlang op zoek was gegaan naar een oud huis in de binnenstad en, toen hij verrukt een Ginkgo biloba van 100 jaar aantrof, meteen besloot het huis te kopen.
Daar ook was het in de dicht bebouwde binnenstad onmogelijk om `een plekje in de zon' op de begane grond te vinden, en dreef de onbedwingbare lust tot tuinieren de bewoners het dak op, en werd dank zij veel vernuft een imitatie gecreeerd van de `Hangende Tuinen van Babylon'.
Elders zien we een voorbeeld van hoe de straat zelf een hoekje afstaat en een bak met aarde en stevige, niet dure planten een onderbreking vormt van de huizenrij. Zelfs een tot tuin getransformeerde vensterbank ontbreekt niet!
Voor een groot deel doen de eigenaren zelf hun relaas over hun verlangens en ideeen en de moeilijkheden, waarmee zij te kampen hadden tot de lezer het fraaie resultaat kan bekijken in dit boek.
In andere gevallen tekende Arend Jan van der Horst het mondeling gedane verhaal op.
Echter, daar deze tuinen wel in het boek te zien, maar slechts in enkele gevallen voor iedereen te bezichtigen zijn, is ook een belangrijk deel van `Stadstuinen in Nederland' gewijd aan tuinen, die specifiek openbaar zijn: tuinen bij musea en openbare gebouwen, van kantoren en zelfs van hotels waar de kok de kruiden bij de hand heeft voor de keuken, en de gasten na het diner kunnen genieten van de rust van een stedelijke binnentuin. Zo was het de behoefte aan de natuur, die de stedeling inspireerde om zich een eigen buitenruimte te verschaffen, ondanks alle beperkingen, die het stadsleven nu eenmaal oplegt.
|