Omschrijving:
Reportages in Licht en Schaduw
E. van Moerkerken
Met een voorwoord van S. Carmiggelt.
Uitg. G.A. van Oorschot, hardcover, fotos 106 afbeeldingen, 32 x 25 cm.
PLAATJES KIJKEN
De vrees bestaat, dat het niet geheel duidelijk is, waarom juist ik de pen opneem teneinde dit fotoboek bij U in te leiden, want gij voelt wel, dat de rol van de deskundige die op geserreerde toon reeds bij voorbaat de fijne trekjes vermeldt, mij door mijn blanke onbekendheid met de problemen van het fotowezen bitter slecht zou afgaan.
Nu is er een cynische journalistentheorie die wil, dat men het best schrijft over de dingen waarvan men het minst weet, aangezien de opperste verworvenheid van kennis nu eenmaal een belemmerende twijfel is, maar noch de uitgever, noch de fotograaf die in dit werk de handen ineenslaan, zijn bekend met deze bijzonder verderfelijke redenering.
Zij hebben een betere: dit boek is niet voor het wat hochnasige gezelschap van kenners en ingewijden, dat zichzelf zo bescheiden "the happy few" noemt, doch werd samengesteld ten gerieve van gewone mensen die voldoende kind gebleven zijn, om behagen te scheppen in plaatjes kijken. Van die plaatjeskijkers ben ik er een en daarom mag ik hier best iets voorin schrijven.
Nu zit er nog een hachelijk kantje aan dit op zichzelf zo prettig karwei, waarop ik maar het best meteen de vinger leggen kan, voordat U het doet. Bladerend in dit foto-album, zult U verschillende beeltenissen van kunstenaars aantreffen waartussen opeens, zonder waarschuwing, de conterfeitsels van de uitgever van dit boek en de schrijver dezer regelen zijn opgenomen. De uitgever is voornamelijk geplaatst, omdat zijn excessieve manier van lachen verdient tot ver buiten de grenzen van ons Koninkrijk bekend te worden, maar aan de beeltenis van de ondergetekende is een steekje los. Eerlijkheid verhindert mij namelijk, mij te vermeien in de zoete overtuiging, dat ik op eigen kracht in de illustere rij ben geraakt, die U uit dit werk aankijkt, want het is helaas zo, dat de fotograaf, toen reeds vaststond dat ik de inleiding schrijven zou, mij nog inderhaast voor zijn camera heeft ontboden, zodat er alle ruimte blijft voor de drukkende veronderstelling dat hij mij alleen aan zijn oeuvre heeft toegevoegd, om bij voorbaat iets terug te doen.
Ik zou deze charmante vriendelijkheid hier met fijne tact onvermeld laten, ware het niet dat het portret ons nu eenmaal onmiddellijk in de sfeer der ijdelheden brengt. Ga eens voor de etalage staan van een klaar-terwijl-U-wacht-fotograaf en kijk. Gij ziet sierlijke vergrotingen van de portretten, die de winkelier blijkbaar zelf de best geslaagde uit zijn carriere vond en zij zijn in al hun verkitschte
.
|