Omschrijving:
Dodewaard gaat dicht 1981, een fotoverslag
Red
Uitgever Onderstroom, softcover, geillustreerd
Vooraf
De 'Dodewaard gaat dicht'-aktie dit najaar vormt voor de anti-kernenergiebeweging zeker het hoogtepunt van een jaar, dat toch al door de lange reeks van anti-kernenergie-akties een bijzonder jaar is.
Tentenkampen in Valburg en Kalkar, de blokkade van de UC in Almelo, akties in IJmuiden rond de dumping van radio-aktief afval in zee en de pogingen een anti-atoomdorp te bouwen tegenover de snelle kweekreaktor in Kalkar, markeren de aanloop naar de tweede grote 'Dodewaard gaat dicht'-aktie.
Nog nooit eerder is er door de AKB in Nederland op zo'n manier verzet geboden als in september op de dijken en uiterwaarden rond de kerncentrale in Dodewaard. De slogan 'Dodewaard gaat dicht' werd daar meer dan een kreet; ze kreeg drie dagen lang gestalte in het lijfelijk verzet dat keer op keer, charge op charge trotserend, gepleegd werd. Inderdaad, er werden grenzen overschreden. Maar waren dat voor de burgerlijke pers en het koor der parlementariers met name de grenzen van 'de' rechtsstaat, 'de' rechtsorde, voor ons waren het de grenzen die we tot dan toe ons zelf gesteld hadden in de ontwikkeling van de anti-kernenergie-strijd.
In de loop van 1977 worden er grote anti-kernener-gie demonstraties gehouden in de BRD, onder meer in Grohnde en Kalkar, waar voor het eerst vanuit de staat tegenstanders van kernenergie geintimideerd en gecriminaliseerd worden. Voor velen van ons maakt dit een ander aspekt duidelijk van kernenergie: de binding met het machtsapparaat. Het parlement wordt partij in de diskussie over kernenergie als beschermer van het kernenergieprogramma We radikaliseren en stellen ons niet meer tevreden met deeleisen. Zo komen we onvermijdelijk in konflikt met andere delen van de AKB, zoals het Landelijk Energie Komitee, waar verschillende politieke partijen in zitten en waar eisen geformuleerd worden op basis van politieke haalbaarheid. Heftige botsingen blijven dan ook niet uit bij we eens in de vier jaar kunnen stemmen.
Zelf verantwoordelijk zijn, greep willen krijgen op ons eigen leven, betekent ook ons zelf zonder omhalen of omwegen teweer stellen tegen wat ons bedreigt. Begrippen als 'direkte aktie' en 'recht op verzet' duiken op in de diskussie over hoe nu verder te gaan met de anti-kernenergie strijd en zo worden langzaam de contouren zichtbaar van de 'Dodewaard gaat dicht'-aktie.
In 1980 doen op het Pinkstertentenkamp in Valburg -vlak bij Dodewaard- de Gelderse Stroomgroepen het voorstel het terrein rond de kerncentrale in Dodewaard te bezetten. De centrale in Dodewaard, omdat het de zwakste schakel vormt van het kernenergie-programma in Nederland. Met haar 54 MW vermogen, draagt de centrale slechts 0,7 % bij aan de totale elektriciteitsproduktie, terwijl ook op de momenten dat de meeste elektriciteit verbruikt wordt en er nog steeds een overkapaciteit van meer dan drieduizend MW. Voor de energievoorziening overbodig dus. De centrale is sterk verouderd; voor zover de technologiese kennis -het internationaal mee blijven tellen- een argument vormt, kan dit 1978, waar 'Stop de uitbreiding van de UC' voor de parlementair gerichte AKB de maximale leus is. Wij willen helemaal geen UC!
Juist die gigantische demonstratie in Almelo maakt voor velen van ons de zinloosheid van een demonstratie, louter gericht op de politieke besluitvorming in het haagse, duidelijk. We zijn met veertigduizend mensen, maar voor ons is het alsof met elke stap onze machte elke stap onze machteloosheid benaderd. Het parlementaire vervolg op de demonstratie bevestigt alleen maar ons voorgevoel; dankzij allerlei drogredenen, mitsen en maren kan Urenco haar gang gaan.
We schreeuwen onze kelen schor om de parlementariers op hun verantwoordelijkheden te wijzen; het kost ons schoenzolen te beseffen, dat we onze .......................................
|