Omschrijving:
De vroegste bestuursgeschiedenis van Amersfoort en de stadsrechtverlening van 1259
J. Hovy
Uitg. Spiegel der Historie, softcover, geillustreerd. Incl. uitvouwbare plattegrond Amersfoort
omslag lichte gebruikssporen
In het hierna volgende opstel zal worden gehandeld over de oudste bestuursgeschiedenis van Amersfoort, d.w.z. die van voor 1259, en over de stadsrechtverlening in genoemd jaar, met haar oorzaken en onmiddellijke gevolgen. In het bijzonder zal hierbij aandacht worden geschonken aan de motieven, die tot deze privilegiëring kunnen hebben geleid.
Om de oorsprong van het Amersfoortse stadsrecht te kunnen begrijpen, moeten wij ons eerst bezighouden met de positie van de bisschoppen van Utrecht in het Neder-sticht als wereldlijke heersers en hun politieke strevingen, in het bijzonder die van Hendrik van Vianden, de verlener van het stadsprivilege. Voorts moet het geslacht der heren van Amersfoort ter sprake komen, dat in het verband van ons onderwerp een belangrijke rol speelt. In de Middeleeuwen bestond een zeer nauwe samenhang en wisselwerking tussen bestuur, rechtspraak en grondbezit; dit laatste zal dus voortdurend in onze beschouwingen moeten worden betrokken.
Over het onderwerp van dit artikel is tot dusverre geen speciale studie verschenen. Maar dit wil geenszins
zeggen dat er niet over geschreven is in verband met andere, verwante of meeromvattende, onderwerpen. Integendeel, in de oudere en nieuwere literatuur is het herhaaldelijk ter sprake gekomen. Men zal deze literatuur in de noten achter het betoog vinden vermeld en soms wordt zij in de tekst besproken.
Aangezien dit stuk ook voor hen is geschreven, die met de geschiedenis van die tijd weinig of niet op de hoogte zijn, heb ik vrij veel plaatsruimte besteed aan de algemene geschiedenis van het Nedersticht in de 11e—13e eeuw. Zonder enige kennis hiervan zijn de oudste geschiedenis en het stadsrecht van Amersfoort niet te begrijpen.
De ingewikkeldheid der toenmalige verhoudingen maakt het geven van een overzichtelijk beeld niet eenvoudig; de relatief schaarse bronnen werpen slechts een gebrekkig licht op deze materie, zodat nogal eens meningsverschillen tussen de deskundigen bestaan. Ik hoop echter dat de voor ons doel wezenlijke trekken van de toenmalige ontwikkeling op politiek, bestuurlijk en rechterlijk gebied in het hierna volgende zo goed mogelijk tot hun recht komen.
|