Omschrijving:
De schat in het woestijnklooster
Schlisske Otto
Uitg. Boekencentrum, softcover.
VANDAAG WERD HET SINAIHANDSCHRIFT DOOR DE RUSSISCHE HANDELSORGANISATIE IN ENGELAND AAN HET BRITS MUSEUM OVERGEDRAGEN STOP DE KOOPPRIJS VOOR DIT UNIEKE HANDSCHRIFT BEDRAAGT TWEE MILLIOEN SHILLING STOP MEER DAN 60.000 POND WERD HOOFDZAKELIJK UIT KLEINE GIFTEN VAN PARTICULIEREN EN KERKELIJKE GROEPEN BIJEENGEBRACHT STOP HET RESTERENDE BEDRAG BETAALDE DE BRITSE REGERING STOP.
Dit bericht, dat op de avond van 27 december 1933 door de telegraaf en de radio werd verspreid, was een wereldsensatie. En toen het handschrift in het Brits Museum werd tentoongesteld, kwamen millioenen bezoekers uit de hele wereld het in de daaropvolgende maanden bezichtigen. In alle cultuurlanden herdacht men de grootste ontdekker van handschriften van alle tijden, Constantin von Tischendorf.
Alleen in Duitsland vond het bericht een droeve weerklank. Het beschamende feit, dat niet Duitsland, het geboorteland van de grote geleerde, het handschrift had gekregen, probeerde men het publiek te doen vergeten door te schrijven: „Dit handschrift heeft Tischendorf destijds op voorbeeldige wijze gecopieerd; daarna heeft de Engelse onderzoeker Lake in 1911 het Nieuwe en in 1922 het Oude Testament in fotografisch facsimile gepubliceerd. In plaats van millioenen uit te geven voor een oud perkament, willen wij opbouwen". Slechts weinig kranten en tijdschriften konden in die tijd in Duitsland nog een echte waardering voor dit unieke bijbelhandschrift opbrengen.
Zo is een van de grootste Duitse onderzoekers in zijn eigen land bijna vergeten. Dat verbaast temeer, omdat zijn jacht op het oudste bijbelhandschrift een onvergelijkelijk avontuurlijk verhaal is. Honderden geleerden en onderzoekers gaan tegenwoordig de weg, die Constantin von Tischendorf als eerste betrad.
|