Omschrijving:
Al Capone
John Kobler
Uitg. Meulenhof, hardcover, geillustreerd
Voor een man van de jaren en lichaamsbouw van Frank Loesch was het een bittere taak. Vol afschuw betrad de eerbiedwaardige jurist, mede-oprichter van de Chicago Crime Commission (Chicago MisdaadCommissie) en op zijn vijfenzeventigste jaar president van dit lichaam, de zwart en wit betegelde lobby van hotel Lexington en stapte in de lift met het ijzeren traliewerk. Om zijn gevoel van vernedering nog groter te maken, was hij gebonden aan de vernietiging van de man wiens hulp hij zocht.
Onder de Publieke Vijanden' van de stad, een benaming die Loesch zelf had bedacht om een einde te maken aan de romantische stralenkrans die de sensatie-pers aan de gangsters had geschonken, was Al Capone nummer I. Maar wie behalve Capone kon of zou in dit najaar van 1928 de kiezers van Cook Country een vrije, eerlijke verkiezing waarborgen? Niet de gouverneur van de staat, een verduisteraar en beschermer van schurken. Niet de groteske burgemeester van Chicago. Niet de officier van justitie, die nooit met succes een enkele gangster had vervolgd. Niet de politie. Het allerminst de politie waarvan Capone eens pochend had verklaard: `Ik ben eigenaar van de politie.'
Loesch riep het zich later voor de geest: `Niet Lang nadat ik president van de Crime Commission was geworden, ontdekte ik dat Al Capone de stad bestuurde. Zijn hand reikte tot in iedere afdeling van het stadsbestuur en van de provinciale regering... Ik maakte een afspraak om mr. Capone op zijn hoofdkwartier in het geheim te ontmoeten.'
De royale verteringen van Capone maakten het mogelijk zich te gedragen of Lexington van hem was. De lobby werd onafgebroken bewaakt door zijn handlangers die bij de verschijning van iedere verdachc uitziende of nieuwsgierige onbekende naar een huistelefoon render en hun meester waarschuwden. Andere schildwachten hadden post gevat bij de stopplaatsen van de lift en om het arendsnest van Capone op de vierde verdieping te naderen, moest de bezoeker tussen rijen lijfwachten lopen die onder hun jassen een .4 5 kaliber revolver in een holster droegen die, volgens de voorgeschreven Stijl, van een riem over de schouder tot tien centimeter onder de linker oksel king.
Het zenuwcentrum van Capones veelzijdige activiteiten was kamer ..............
|